Diervoeders die aan specifieke communautaire bepalingen van de levensmiddelenwetgeving voldoen, worden veilig geacht voorzover het de aspecten betreft die onder die specifieke communautaire bepalingen vallen. Ingeval de Autoriteit reeds een wetenschappelijk advies over het specifieke onderwerp in een verzoek heeft uitgebracht, kan zij het verzoek weigeren, indien zij tot de conclusie komt dat er geen nieuwe wetenschappelijke elementen zijn die een nieuw onderzoek rechtvaardigen. 1. De datum zal bekendgemaakt worden in de C-reeks van het Publicatieblad.Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.Gedaan te Brussel, 28 januari 2002.Voor het Europees ParlementDe voorzitterP. Verwijzingen naar de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid en het Permanent Comité voor de voedselketen en de diergezondheid. 1. (21) PB 22 van 9.2.1965, blz. _rx��,��C6�&/]q��ŗJ�Vμ�SvS�XOr����[B�@`�¤n�k�S�9�l�n�(���4���ֲ���c�*M���*���oֽNK]�3��B>��C�u�}ڵ*�pQwI�Gꆣ)���-X��,���Q�)��|�X��o��^�*-���I��SO\y�7�z悔jVA��ӥ4����E���|�`�rF�O�&�&7�ͷr�����*k�A��#ț�Ǣ3��uZ��3�C��O�`"0�l�V���x�I��s�"M��^k��8mղH�����#��,��� s�����a&% �@�"RT� ��(A�D 3. "eindverbruiker": de laatste verbruiker van een levensmiddel die het niet als deel van een levensmiddelenexploitatie of -activiteit zal gebruiken. Gezien het advies van het Economisch en Sociaal Comité(2). Het reglement wordt openbaar gemaakt.4. Binnen drie jaar na de inwerkingtreding van deze verordening brengt de Commissie, na raadpleging van de Autoriteit, de lidstaten en de belanghebbenden, een verslag uit over de mogelijkheid en wenselijkheid van indiening in het kader van de medebeslissingsprocedure en overeenkomstig het Verdrag van een wetgevingsvoorstel voor andere door de Autoriteit verleende diensten. Ontwikkeling artikel. In afwijking van artikel 38 maakt de Autoriteit vertrouwelijke informatie die zij ontvangt met een met redenen omkleed verzoek om die informatie als vertrouwelijk te behandelen, niet aan derden bekend, tenzij het gaat om informatie die ter bescherming van de volksgezondheid openbaar gemaakt moet worden als de omstandigheden dat vereisen.2. In de gevallen waarin naar dit artikel wordt verwezen, is de procedure van artikel 5 van Besluit 1999/468/EG met inachtneming van artikel 7 en artikel 8 van dat besluit van toepassing.3. 1. Parlementaire stukken van de Senaat nrs. 2. Een exploitant van een levensmiddelenbedrijf die verantwoordelijk is voor activiteiten met betrekking tot de detailhandel of distributie die niet van invloed zijn op de verpakking, etikettering, veiligheid en integriteit van het levensmiddel leidt, binnen het bestek van zijn activiteiten, procedures in om producten die niet aan de voedselveiligheidsvoorschriften voldoen, uit de handel te nemen en draagt bij tot de voedselveiligheid door relevante informatie door te geven die nodig is om een levensmiddel te traceren, waarbij hij meewerkt aan de door de producenten, de verwerkers, de fabrikanten en/of de bevoegde autoriteiten ondernomen actie.3. De ontvangsten van de Autoriteit bestaan uit een bijdrage van de Gemeenschap en van elke andere staat waarmee de Gemeenschap overeenkomsten heeft gesloten als bedoeld in artikel 49, alsmede heffingen voor publicaties, conferenties, opleidingen en eventuele andere soortgelijke activiteiten waarin de Autoriteit voorziet. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG, EGKS, Euratom) nr. Hoewel dit beginsel in sommige lidstaten en sommige onderdelen van de levensmiddelenwetgeving bestaat, is het in andere onderdelen niet uitdrukkelijk vastgelegd of wordt deze verantwoordelijkheid overgenomen door de bevoegde autoriteiten van de lidstaat door middel van door hen uitgevoerde controles. De exploitanten van levensmiddelenbedrijven werken samen met de bevoegde autoriteiten aan maatregelen om risico's, verbonden aan een levensmiddel dat zij leveren of geleverd hebben, te vermijden of te beperken. Richtlijn laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn 93/39/EEG (PB L 214 van 24.8.1993, blz. Risicobeoordeling is gebaseerd op de beschikbare wetenschappelijke gegevens en wordt op onafhankelijke, objectieve en doorzichtige wijze uitgevoerd.3. 178/2002 van het Europees Parlement en de Raad van 28 januari 2002 tot vaststelling van de algemene beginselen en voorschriften van de levensmiddelenwetgeving, tot oprichting van een Europese Autoriteit voor voedselveiligheid en tot vaststelling van procedures voor voedselveiligheidsaangelegenheden Met name moet de Autoriteit bepaalde taken kunnen opdragen aan organisaties in de lidstaten. Ook samenwerking met de lidstaten is onontbeerlijk. Het gewicht, de gehalte en de waarde der muntspeciën worden door de wet geregeld. De uitvoeringsmaatregelen voor artikel 50 worden na met de Autoriteit te zijn besproken volgens de procedure van artikel 58, lid 2, door de Commissie vastgesteld. 0001 - 0024. Richtlijn laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn 2000/57/EG van de Commissie (PB L 244 van 29.9.2000, blz. (8) PB L 228 van 11.8.1992, blz. Hierbij wordt een systeem voor snelle waarschuwingen in de vorm van een netwerk ingesteld, voor kennisgevingen van het bestaan van een direct of indirect risico voor de gezondheid van de mens, verband houdend met een levensmiddel of diervoeder. (25) PB L 210 van 7.8.1985, blz. (7) In de context van de levensmiddelenwetgeving is het passend voorschriften inzake diervoeders, met inbegrip van de productie en het gebruik ervan, op te nemen, wanneer die diervoeders voor voedselproducerende dieren bestemd zijn. De raad van bestuur stelt jaarlijks vóór 30 maart het algemeen verslag over de werkzaamheden van de Autoriteit in het voorgaande jaar vast. (43) De raad van bestuur dient de bevoegdheid te krijgen om de begroting vast te stellen, op de uitvoering daarvan toe te zien, een huishoudelijk reglement op te stellen, een financieel reglement vast te stellen, en de leden van het wetenschappelijk comité en van de wetenschappelijke panels alsmede de uitvoerend directeur te benoemen. Het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen is bevoegd uitspraak te doen wanneer een door de Autoriteit gesloten overeenkomst een arbitragebeding bevat.2. (12) Om de voedselveiligheid te waarborgen, moeten alle aspecten van de voedselproductieketen als één geheel worden beschouwd, vanaf de productie van diervoeders, met inbegrip van de primaire productie, tot en met het verkopen of verstrekken van voedsel aan de consument, aangezien elk onderdeel daarvan op de voedselveiligheid van invloed kan zijn. www.gezondheidsnet.nl - nummer 1 in gezondheid! De Autoriteit draagt bij tot een hoog niveau van bescherming van het leven en de gezondheid van de mens, en houdt in dat verband rekening met de gezondheid en het welzijn van dieren, de gezondheid van planten en het milieu, in het kader van de werking van de interne markt. 1. De uitvoerend directeur doet jaarlijks uiterlijk op 31 maart de Commissie, de raad van bestuur en de Rekenkamer de rekeningen van alle ontvangsten en uitgaven betreffende het afgelopen begrotingsjaar toekomen.De Rekenkamer onderzoekt deze rekeningen overeenkomstig artikel 248 van het Verdrag. 852/2004. 0000123260 00000 n De bestaande procedures voor de toewijzing van wetenschappelijke taken aan de lidstaten, in het bijzonder met betrekking tot de beoordeling van door het bedrijfsleven ingediende dossiers voor de toelating van bepaalde stoffen, producten of procédés, zullen binnen een jaar opnieuw moeten worden bezien met als doel rekening te houden met de oprichting van de Autoriteit en de nieuwe faciliteiten die zij biedt, waarbij de evaluatieprocedures ten minste even strikt blijven als tevoren. 1. "diervoeders": alle stoffen en producten, inclusief additieven, verwerkt, gedeeltelijk verwerkt of onverwerkt, die bestemd zijn om te worden gebruikt voor orale vervoedering aan dieren; 5. (39) De Autoriteit dient, via het verlenen van steun voor wetenschappelijke kwesties, de rol van de Gemeenschap en de lidstaten bij de ontwikkeling en vaststelling van internationale voedselveiligheidsnormen en handelsovereenkomsten te bevorderen. Bij risicomanagement wordt rekening gehouden met de resultaten van de risicobeoordeling, in het bijzonder de adviezen van de krachtens artikel 22 opgerichte Europese Autoriteit voor voedselveiligheid, met andere ter zake dienende factoren en met het voorzorgsbeginsel indien aan de in artikel 7, lid 1, bedoelde voorwaarden is voldaan, zulks met het oog op het bereiken van de in artikel 5 omschreven algemene doelstellingen van de levensmiddelenwetgeving.Artikel 7Voorzorgsbeginsel1. %PDF-1.2 %���� Omdat de kwaliteit van voor menselijke consumptie bestemd water evenwel reeds gecontroleerd wordt uit hoofde van de Richtlijnen 80/778/EEG(5) en 98/83/EG(6) van de Raad, is het voldoende rekening te houden met het water dat afkomstig is van de plaats waar aan de kwaliteiteisen moet worden voldaan in de zin van artikel 6 van Richtlijn 98/83/EG van de Raad. In lid 1 bedoelde verzoeken gaan vergezeld van achtergrondinformatie over het wetenschappelijke probleem dat aan de orde is, en over het belang dat een en ander voor de Gemeenschap heeft.3. (21) In specifieke omstandigheden waarin er een risico voor het leven of de gezondheid is, maar er nog wetenschappelijke onzekerheid heerst, biedt het voorzorgsbeginsel een mogelijkheid om te bepalen met welke risicomanagementmaatregelen of andere maatregelen het in de Gemeenschap gekozen hoge niveau van gezondheidsbescherming kan worden gewaarborgd. Uit de Gemeenschap uitgevoerde of wederuitgevoerde levensmiddelen en diervoeders om in een derde land in de handel te worden gebracht, dienen te voldoen aan de toepasselijke voorschriften van de levensmiddelenwetgeving, behoudens andersluidend verzoek van de autoriteiten van het land van invoer of andersluidende bepalingen in de wetgeving, voorschriften, normen, gedragscodes en eventuele andere wettelijke en bestuursrechtelijke maatregelen van het land van invoer.In andere omstandigheden, behalve wanneer de levensmiddelen schadelijk zijn voor de gezondheid of het diervoerder onveilig is, mogen levensmiddelen of diervoeders alleen uit de Gemeenschap uitgevoerd of wederuitgevoerd worden indien de bevoegde autoriteiten van het land van bestemming daarmee uitdrukkelijk hebben ingestemd, na volledig geïnformeerd te zijn over de redenen waarom en de omstandigheden waaronder de betrokken levensmiddelen of diervoeders in de Gemeenschap niet in de handel konden worden gebracht.2. Het adviesforum vormt een instantie voor uitwisseling van informatie over mogelijke risico's en voor bundeling van kennis. De raad van bestuur stelt zijn reglement van orde vast. 649/98 van de Commissie (PB L 88 van 24.3.1998, blz. Richtlijn laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn 2001/57/EG van de Commissie (PB L 208 van 1.8.2001, blz. Artikel 178. Binnen een jaar na de inwerkingtreding van deze verordening publiceert de Commissie een repertorium van de op communautair niveau bestaande gegevensverzamelingssystemen op de gebieden die tot de opdracht van de Autoriteit behoren. (8) De Gemeenschap heeft bij de ontwikkeling van levensmiddelenwetgeving gekozen voor een hoog niveau van gezondheidsbescherming en past dat zonder discriminatie toe, ongeacht of de levensmiddelen of diervoeders op de interne markt dan wel internationaal worden verhandeld. De in de leden 1 en 2 bedoelde verslagen en aanbevelingen worden toegezonden aan het Europees Parlement en de Raad. (33) De wetenschappelijke en technische vraagstukken met betrekking tot de voedsel- en voederveiligheid worden steeds belangrijker en complexer. Artikelen bij Verordening 2004/2230 - Uitvoeringsbepalingen van Verordening 178/2002 voor wat betreft het netwerk van organisaties die werkzaam zijn op de gebieden die behoren tot de opdracht van de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid - EU monitor 2 De in artikel 177 strafbaar gestelde feiten zijn overtredingen. (28) PB L 317 van 6.11.1981, blz. 1). 3. 2. 9. "in de handel brengen": het voorhanden hebben van levensmiddelen of diervoeders met het oog op de verkoop, met inbegrip van het ten verkoop aanbieden, of enige andere vorm van al dan niet gratis overdracht, alsmede de eigenlijke verkoop, distributie en andere vormen van overdracht zelf; 9. De Autoriteit, de Commissie en de lidstaten werken samen om een effectieve samenhang tussen risicobeoordelings-, risicomanagement- en risicocommunicatietaken te bevorderen.9. De Autoriteit legt efficiënte contacten met de vertegenwoordigers van consumenten, producenten en verwerkers en alle andere belangengroepen. (66) Het is ter verwezenlijking van de voornaamste doelstellingen van deze verordening noodzakelijk en gepast de concepten, beginselen en procedures die een gemeenschappelijke basis vormen voor de levensmiddelenwetgeving in de Gemeenschap, op elkaar af te stemmen en een Europese Autoriteit voor voedselveiligheid op te richten. 178/2002 van het Europees Parlement en de Raad van 28 januari 2002 tot vaststelling van de algemene beginselen en voorschr iften van de levensmiddelenwetgeving, tot oprichting van een Europese Autoriteit voor voedselveiligheid en tot vaststelling van procedures voor voedselveiligheidsaangelegenheden. Het Hof van Justitie is bevoegd ter zake van alle in dit verband gerezen geschillen over schadevergoeding.3. (14) Om dezelfde reden dient aandacht te worden besteed aan andere handelwijzen en grondstoffen bij de primaire productie en de mogelijke gevolgen daarvan voor de voedselveiligheid in haar geheel. De redenen voor het besluit van de Commissie worden onverwijld openbaar gemaakt. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. "exploitant van een levensmiddelenbedrijf": natuurlijke persoon of rechtspersoon die verantwoordelijk is voor de naleving van de in de levensmiddelenwetgeving vastgestelde voorschriften in het levensmiddelenbedrijf waarover hij de leiding heeft; 4. Met betrekking tot de voederveiligheid moeten soortgelijke kwesties aan de orde gesteld worden. 6. 4. In voorkomend geval en met name voor onderwerpen waarvoor geen van de wetenschappelijke panels bevoegd is, stelt het werkgroepen in. De contractuele aansprakelijkheid van de Autoriteit wordt beheerst door het op het betrokken contract van toepassing zijnde recht. 1. Wanneer substantiële verschillen op wetenschappelijk vlak zijn geconstateerd en de betrokken instantie een agentschap van de Gemeenschap of een van de wetenschappelijke comités van de Commissie is, zijn de Autoriteit en de betrokken instantie verplicht samen te werken teneinde de verschillen weg te nemen of een gezamenlijk document aan de Commissie voor te leggen waarin de wetenschappelijke geschilpunten worden toegelicht en de onzekerheden daaromtrent in de gegevens worden aangegeven. Dat document wordt openbaar gemaakt.Artikel 31Wetenschappelijke en technische bijstand1. 23. (15) Een netwerk van toplaboratoria op regionaal en/of interregionaal niveau met als doel een voortdurende controle op de voedselveiligheid uit te oefenen, kan een belangrijke rol spelen bij de preventie van potentiële gezondheidsrisico's voor de burgers. 2. De Autoriteit betracht de nodige waakzaamheid om iedere mogelijke bron van verschillen tussen haar wetenschappelijke adviezen en de door andere, met soortgelijke taken belaste instanties uitgebrachte wetenschappelijke adviezen vroegtijdig te onderkennen.2. Ingeval er verschillende verzoeken worden gedaan in verband met dezelfde aangelegenheden, of ingeval het verzoek niet met lid 2 strookt, dan wel onduidelijk is, kan de Autoriteit ofwel een verzoek van de hand wijzen, ofwel in overleg met de verzoekende instelling of lidstaat/lidstaten wijzigingen in een verzoek om advies voorstellen. Daarom moet er een systeem voor de verzameling en analyse van relevante gegevens op de door de Autoriteit bestreken gebieden worden opgezet, in de vorm van een door de Autoriteit gecoördineerd netwerk. Alle verwijzingen in de communautaire wetgeving naar het Wetenschappelijk Comité voor de menselijke voeding, het Wetenschappelijk Comité voor de diervoeding, het Wetenschappelijk Veterinair Comité, het Wetenschappelijk Comité voor bestrijdingsmiddelen, het Wetenschappelijk Comité voor planten en de wetenschappelijke stuurgroep worden vervangen door verwijzingen naar de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid.2. Netwerken van organisaties, werkzaam op de tot de opdracht van de Autoriteit behorende gebieden. De raad van bestuur stelt op voorstel van de uitvoerend directeur een lijst op van door de lidstaten aangewezen bevoegde organisaties die de Autoriteit, afzonderlijk of in netwerken, bij de uitoefening van haar opdracht kunnen bijstaan, en maakt die lijst openbaar. Om dezelfde reden zou het Comité voor de voedselketen en de diergezondheid ook in de plaats moeten treden van het Permanent Plantenziektekundig Comité ter zake van zijn bevoegdheid (wat betreft de Richtlijnen 76/895/EEG(13), 86/362/EEG(14), 83/363/EEG(15), 90/642/EEG(16) en 91/414/EEG(17)) voor gewasbeschermingsmiddelen en het bepalen van maximumresidugehalten. 4. 1. De lidstaat mag zijn nationale tijdelijke beschermende maatregelen handhaven totdat de communautaire maatregelen zijn vastgesteld.AFDELING 3CRISISMANAGEMENTArtikel 55Algemeen plan voor crisismanagement1. 9. 22). 23. De levensmiddelenwetgeving streeft naar de verwezenlijking van vrij verkeer in de Gemeenschap van levensmiddelen en diervoeders die overeenkomstig de algemene beginselen en vereisten van dit hoofdstuk vervaardigd of in de handel gebracht zijn. 1.Richtlijn gewijzigd bij Richtlijn 2001/82/EG van het Europees Parlement en de Raad (PB L 311 van 28.11.2001, blz. 6. 3. De voor de Gemeenschapsbegroting geldende procedure blijft echter van toepassing op de eventuele subsidies ten laste van de algemene begroting van de Europese Unie. Zij is niet van toepassing op de primaire productie voor particulier huishoudelijk gebruik, noch op de huishoudelijke bereiding, behandeling of opslag van levensmiddelen voor particulier huishoudelijk verbruik. (21) PB 22 van 9.2.1965, blz. Uit recente voedselcrises is gebleken dat er een verbeterd en verruimd systeem voor snelle waarschuwing moet worden opgezet dat levensmiddelen en diervoeders omvat. De uitgaven van de Autoriteit omvatten personeelsuitgaven, administratieve uitgaven, infrastructuuruitgaven en beleidsuitgaven, alsmede uitgaven die voortvloeien uit met derden gesloten overeenkomsten of uit financiële steunverlening als bedoeld in artikel 36.3. Consumenten, producenten en andere belangengroepen. Wanneer een levensmiddel of diervoeder waarover een kennisgeving via het systeem voor snelle waarschuwingen is gestuurd, naar een derde land is verzonden, verstrekt de Commissie dat land de nodige informatie.5. De raad van bestuur komt op convocatie van de voorzitter of op verzoek van ten minste een derde van de leden bijeen.7. Richtlijn laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn 1999/34/EG van het Europees Parlement en de Raad (PB L 141 van 4.6.1999, blz. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 2. Wanneer een diervoeder waarvan is vastgesteld dat het niet aan de veiligheidsvoorschriften voor diervoeders voldoet, deel uitmaakt van een partij of zending diervoeder van dezelfde klasse of omschrijving, wordt aangenomen dat dit geldt voor al het diervoeder in die partij of zending, tenzij er na een uitvoerig onderzoek geen aanwijzingen zijn dat de rest van de partij of zending niet aan de veiligheidsvoorschriften voor diervoeders voldoet.4. 1. Verordening 2002/178 - Algemene beginselen en voorschriften van de levensmiddelenwetgeving, ... Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, en met name op de artikelen 37, 95 en 133 en artikel 152, lid 4, punt b), Gezien het voorstel van de Commissie(1), Bij risicomanagement wordt rekening gehouden met de resultaten van de risicobeoordeling, in het bijzonder de adviezen van de krachtens artikel 22 opgerichte Europese Autoriteit voor voedselveiligheid, met andere ter zake dienende factoren en met het voorzorgsbeginsel indien aan de in artikel 7, lid 1, bedoelde voorwaarden is voldaan, zulks met het oog op het bereiken van de in artikel 5 omschreven algemene doelstellingen van de levensmiddelenwetgeving. Levensmiddelen worden geacht onveilig te zijn indien zij worden beschouwd als: b) ongeschikt voor menselijke consumptie. "levensmiddelenwetgeving": de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen met betrekking tot levensmiddelen in het algemeen en de voedselveiligheid in het bijzonder, zowel op het niveau van de Gemeenschap als op nationaal niveau; deze term bestrijkt alle stadia van de productie, verwerking en distributie van levensmiddelen, alsmede van diervoeders die voor voedselproducerende dieren worden geproduceerd of daaraan worden vervoederd; 2. Overeenkomstig het evenredigheidsbeginsel als bedoeld in artikel 5 van het Verdrag gaat deze verordening niet verder dan hetgeen noodzakelijk is om de nagestreefde doelstellingen te verwezenlijken. De raad van bestuur komt op convocatie van de voorzitter of op verzoek van ten minste een derde van de leden bijeen. "traceerbaarheid": mogelijkheid om een levensmiddel, diervoeder, voedselproducerend dier of stof die bestemd is om in een levensmiddel of diervoeder te worden verwerkt of waarvan kan worden verwacht dat zij daarin wordt verwerkt, door alle stadia van de productie, verwerking en distributie te traceren en te volgen; 16. 3. De opdracht van de Autoriteit houdt tevens in dat zij: a) wetenschappelijk advies en wetenschappelijke technische ondersteuning inzake de menselijke voeding in samenhang met de communautaire wetgeving verstrekt, alsmede, op verzoek van de Commissie, bijstand betreffende de communicatie over voedingskwesties in het kader van het programma van de Gemeenschap op gezondheidsgebied; b) wetenschappelijke adviezen inzake andere aangelegenheden in verband met de gezondheid en het welzijn van dieren alsmede de gezondheid van planten verstrekt; c) wetenschappelijke adviezen verstrekt inzake andere producten dan levensmiddelen en diervoeders die verband houden met genetisch gemodificeerde organismen, zoals omschreven in Richtlijn 2001/18/EG en onverminderd de daarin vastgestelde procedures. (41) Daartoe moet de benoeming van de leden van de raad van bestuur zodanig geschieden dat de hoogste graad van bekwaamheid, bijvoorbeeld op het gebied van management en overheidsadministratie, een uitgebreide relevante deskundigheid en een zo breed mogelijke geografische spreiding in de Unie verzekerd zijn. 0000124978 00000 n (50) Een verbeterde opsporing van nieuwe risico's kan op de lange termijn voor de lidstaten en de Gemeenschap een belangrijk preventiehulpmiddel bij de beleidsuitvoering worden. Richtlijn laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn 2001/49/EG van de Commissie (PB L 176 van 29.6.2001, blz. 0000028501 00000 n 0000126211 00000 n 2377/90, Richtlijn 75/319/EEG van de Raad(27) en Richtlijn 81/851/EEG van de Raad(28) onverlet.Artikel 64Aanvang van de werkzaamheden van de AutoriteitDe Autoriteit vangt haar werkzaamheden aan op 1 januari 2002.Artikel 65InwerkingtredingDeze verordening treedt in werking op de twintigste dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen.De artikelen 11, 12 en 14 tot en met 20 zijn van toepassing met ingang van 1 januari 2005.De artikelen 29, 56, 57, 60 en 62, lid 1, zijn van toepassing met ingang van de datum waarop de leden van het wetenschappelijk comité en de wetenschappelijke panels benoemd worden. Wettelijke vakantiedagen vervallen 6 maanden na het kalenderjaar waarin ze zijn verworven, maar de werkgever mag in overleg met de ondernemingsraad afwijken van deze verjaringstermijn en dan de oude verjaringstermijn van 5 jaar hanteren. 90 0 obj << /Linearized 1 /O 92 /H [ 1303 745 ] /L 317130 /E 127324 /N 24 /T 315212 >> endobj xref 90 45 0000000016 00000 n 0000091594 00000 n 247. Het adviesforum wordt voorgezeten door de uitvoerend directeur. De levensmiddelenwetgeving streeft een of meer van de algemene doelstellingen van een hoog niveau van bescherming van het leven en de gezondheid van de mens, de bescherming van de belangen van de consument, inclusief eerlijke praktijken in de levensmiddelenhandel na, indien van toepassing rekening houdend met de bescherming van de gezondheid en het welzijn van dieren, de gezondheid van planten en het milieu.2. De genomen maatregelen worden zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen tien werkdagen, volgens de procedure van artikel 58, lid 2, bevestigd, gewijzigd, ingetrokken of verlengd. (11) PB L 291 van 19.11.1969, blz. 2. artikel 178, lid 2, onder d), van Verordening (EU) nr. 16° Verordening (EG) nr. 6. b.eet- en drinkwaren:levensmiddelen,bedoeld in artikel 2 van verordening (EG) nr.178/2002 van het Europees Parlement en de Raad van 28 januari 2002 tot vaststelling van de algemene Het wetenschappelijk comité en de wetenschappelijke panels nemen hun besluiten bij meerderheid van stemmen van hun leden. De vertegenwoordigers kunnen zich laten vervangen door gelijktijdig benoemde plaatsvervangers. Verordening (EG) nr. (13) De ervaring heeft geleerd dat daarom ook de productie, de vervaardiging, het vervoer en de distributie van diervoeder voor voedselproducerende dieren de nodige aandacht moeten krijgen, met inbegrip van de productie van dieren die in viskwekerijen als voeder kunnen worden gebruikt, aangezien onopzettelijke of bewuste verontreiniging van diervoeder, vervalsing en frauduleuze praktijken of andere onjuiste handelwijzen met betrekking tot diervoeder direct of indirect van invloed kunnen zijn op de voedselveiligheid.